Bewegen is goed voor je gezondheid, dat staat vast. Maar wat gebeurt er in je lichaam als je beweegt? In dit artikel bespreek ik twee veel voorkomende ziekten (botontkalking en hart- en vaatziekten) en leg ik uit hoe voldoende bewegen de kans op deze ziekten verkleint. 

Osteoporose (botontkalking)

Osteoporose (ook wel botontkalking genoemd) is een chronische aandoening die ook vaak voorkomt bij mensen met coeliakie. Het betekent dat de sterkte van het bot vermindert, en door dit botverlies worden botten steeds brozer. Dit kan bijvoorbeeld leiden tot botbreuken en het spontaan inzakken van ruggenwervels. 

Osteoporose gaat vaak samen met een afname van spierkracht, en dat beperkt de lenigheid en behendigheid. De kans op misstappen en vallen neemt daardoor toe. 

Osteoporose en bewegen

Mensen die regelmatig hun botten belasten, houden deze langer sterk. Verzwakking van botten gaat samen met het ouder worden, maar regelmatige lichaamsbeweging kan dit proces afremmen. Botten kunnen zich namelijk aanpassen aan de eisen die aan hen worden gesteld. Dit aanpassingsvermogen behoudt u grotendeels tot op hoge leeftijd. 

Het effect van bewegen is groot. Mensen die bijvoorbeeld een half jaar  aan bed zijn gekluisterd en niet bewegen kunnen 30% bot verliezen. Door beweging kan osteoporose niet genezen maar het proces kan wel worden afgeremd. 

Dat bewegen hoeft trouwens niet enkel te bestaan uit fietsen en wandelen, denk ook aan het versterken van de spierkracht. Hoe sterker de spieren, hoe beter een val namelijk kan worden opgevangen. Meer spierkracht heeft namelijk een positief effect op je botten.

Hart- en vaatziekten

Hart- en vaatziekten is een overkoepelende term voor verschillende ziekten aan het hart of bloedvaten. Meestal is vaatvernauwing door afzettingen aan de vaatwand (atherosclerose of slagaderverkalking) de oorzaak van hart- en vaatproblemen. 

Door het dichtslibben van de slagaders (aderverkalking) kunnen bloedvaten (bijvoorbeeld in been of voet) verharden. Daardoor verliezen slagaders en bloedvaten hun elasticiteit. Hart- en vaataandoeningen kunnen vervolgens ontstaan door onvoldoende bloeddoorstroming in de slagaders of bloedvaten. Hierdoor kan de zuurstofvoorziening van de organen en spieren onvoldoende worden.

Risicofactoren zijn onder andere een hoog en ongunstig samengesteld cholesterol- en/of vetgehalte van het bloed. Hierbij is vooral de verhouding tussen LDL- en HDL-cholesterol en de hoogte van het triglyceridegehalte (een vetachtige stof) in het bloed van belang, een verhoogde bloeddruk, overgewicht (met name buikvet), weinig bewegen, roken en stress.

Hart- en vaatziekten en bewegen

Waarom is bewegen zo belangrijk wanneer je lijdt aan hart- en vaatziekten? Bewegen verhoogt het HDL cholesterol (het goede cholesterol) en verlaagt het LDL cholesterol (het slechte cholesterol). Daarnaast wordt het proces van aderverkalking vertraagd en vergroot bewegen de elasticiteit van de bloedvaten. Bovendien maakt de grotere flexibiliteit van de bloedvaten ze beter bestand tegen de opeenhoping van plaque (slagaderverkalking), een bekende oorzaak van hartaandoeningen. 

Het is dus niet zozeer dat je hart sterker wordt, maar dat de fysiologie eromheen de functie van het hart verbetert, waardoor het efficiënter is en je bloedvaten flexibeler. 

Bewegen, bloeddruk en hartslag

Bewegen verlaagt trouwens wel de bloeddruk, wat de conditie van het hart verbetert. Dat werkt als volgt: tijdens het sporten nemen je hartslag en bloeddruk toe om bloed aan je trainende spieren af te geven. Je bloedvaten reageren ook door te vergroten om de bloedtoevoer naar je trainende spieren te verzorgen. 

Na verloop van tijd vertraagt je basislijnhartslag vanwege dit ‘trainingseffect’. Training verlaagt dus de hartslag en bloeddruk, waardoor je langer kunt trainen voordat je moe wordt, omdat je hart efficiënter werkt. Elke hartslag levert een grotere hoeveelheid bloed op voor je trainende spieren, zodat je hart minder hard hoeft te werken. 

Op welke manier je besluit je lichaam te bewegen maakt daarbij niet uit: of het nu gaat om wandelen, tillen (spierversterkende oefeningen) of het beoefenen van yoga, met beweging onderneem je actie om je hart te helpen efficiënt en gezond te zijn.

Waarom werkt bewegen?

De mechanismen die verantwoordelijk zijn voor het positieve effect van bewegen zijn divers en heel ingewikkeld. De sleutel tot de positieve effecten lijkt te liggen bij de processen die plaatsvinden aan de binnenkant van de bloedvaten. 

Inspanning leidt tot een toename van de hoeveelheid bloed die door de vaten stroomt, en daarmee tot vervorming van de wand van de vaten. Bepaalde cellen in de wand reageren op deze vervormingen en gaan stoffen produceren die via ingewikkelde biochemische wegen uiteindelijk leiden tot onder andere de aanmaak van nieuwe bloedvaten en vaatjes. 

Er worden nieuwe netwerkjes van haarvaten gevormd en ook ontstaan er parallelle routes met vaten die zo groot kunnen worden dat ze het verlies van functie door dichtgeslibde slagaders kunnen compenseren, ook in de hartspier! 

Op deze manier kan matige inspanning dus de door arteriosclerose aangedane bloedvaten grotendeels herstellen. Intense inspanning kan zelfs voor ‘revascularisatie’ van de hartspier zorgen.

Bewegen en ziekten

Kortom, voldoende en goede beweging verkleint de kans op (onder meer) botontkalking en hart- en vaatziekten. Ook spieren worden onderhouden door regelmatige lichaamsbeweging. Uw lenigheid en behendigheid hebben daar veel baat bij en het helpt om vallen en misstappen te voorkomen. 

Alle reden dus voor een dagelijkse wandeling of spierversterkende oefeningen! En wil je daarbij ook gezond en lekker eten, kijk dan eens bij de recepten die ik heb gemaakt


0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *